13-6-2019

Vandaag aan het woord: fietsfanaat Marcel Mannheims

In de aanloop naar Limburgs Mooiste spraken we deze week ook Marcel Mannheims over zijn wielrenervaringen. Marcel werkt voor Hago en neemt dit jaar voor de vierde keer deel. Aan de blauwe route van 130 kilometer, welteverstaan. Wij gingen dan ook op zoek naar het naadje van zijn wielrenkous.

130 kilometer, toe maar. Hoelang ben je al aan het trainen hiervoor?

“Voor Limburgs Mooiste ben ik in maart begonnen met fietsen. Wanneer het even kan en het weer het toelaat, stap ik op de fiets. Ter voorbereiding heb ik onlangs ook deelgenomen aan twee andere fietsevenementen van 165 en 110 kilometer. Ik zorg er dus altijd voor dat ik van tevoren al een aantal tochten van boven de 100 kilometer heb gedaan.”

Een liefhebber dus. Hoe vaak per week zit jij dan gemiddeld op de fiets om te trainen?

“Het trainen voor een toertocht is sterk afhankelijk van het weer. Gemiddeld train ik één keer per week, als het meezit. Zodra het te hard regent is het met gladde banden simpelweg te gevaarlijk. Ook als ik voor werk veel onderweg of laat thuis ben, kom ik er soms niet aan toe. Maar ik probeer zeker één keer in de twee weken te trainen.”

Je kunt je dus niet altijd zo goed voorbereiden als je misschien zou willen. Kan dit tot extra blessures leiden?

“Nee, de blessures vallen doorgaans wel mee. Maar na een zware tocht kan het wel zo zijn dat je kramp krijgt op plekken waar je dit niet verwacht of gewend bent. Dit hangt ook af van de zwaarte van het parcours. In het algemeen heb je bij wielrennen last van je zitvlak, vooral ongetraind en op lange afstanden. Ook kunnen je schouders en nek gevoelig worden; je zit natuurlijk een behoorlijke afstand in dezelfde houding.”

Oké. Laten we het erop houden dat het meevalt. Om te voorkomen dat mensen toch een beetje nerveus worden, gaan we gauw over op de sfeer bij Limburgs Mooiste. Niet onbelangrijk voor ons levensgenieters binnen Vebego. Hoe zit het daarmee?

“De sfeer is echt top, helemaal wanneer het goed weer is. Wanneer je op de fiets zit ben je omgeven door mensen met dezelfde passie. Dat vind ik mooi. Ook is het Limburgs heuvellandschap absoluut geen straf, natuurlijk. Ik doe al drie jaar mee, en keer op keer is ook de afterparty één groot feest. Dit begint bij het eerste glaasje Gulpener na de tocht, natuurlijk.

En dan, afterparty?

“Uiteraard. We hebben met Vebego een VIP-tent waar we met onze gasten nog napraten onder het genot van een hapje en een drankje. Marcel lacht. “En ja: op het plein staan zelfs de fietsers te dansen op de tafels, op de muziek van de DJ. Eén groot feest.”

Klinkt goed! We kunnen wel stellen dat je een ambassadeur bent. Heb je nog magische tips voor potentiële deelnemers?

“Wees getraind, maar heb vooral plezier. Het is geen wedstrijd en genieten staat écht centraal. Je ziet vaak dat mensen veel te snel van start gaan, waardoor de vermoeidheid toeslaat. Daarbij is parcourskennis heel belangrijk, om goed met je energie om te kunnen gaan. Zo weet je wat je te wachten staat. Maar ik zou zeggen: go for it! Ik ben een ontzettend trotse deelnemer. Zelfs tot in Drenthe word ik aangesproken op mijn mooie tenue van Hago.”

 

Deel dit artikel: